058 203 0740   Snekertrekweg 61, 8912 AA Leeuwarden    info@peresa.nl

Detentie geen reden voor lager gebruikelijk loon

Een dga doet over 2019 geen aangifte inkomstenbelasting, ondanks uitnodigingen, herinneringen en aanmaningen van de inspecteur. Ook de bv dient geen aangifte vpb in. De inspecteur verzoekt vervolgens om bankafschriften en jaarstukken van de bv, maar ook hierop volgt geen reactie. De inspecteur legt vervolgens een aanslag inkomstenbelasting op, gebaseerd op een gebruikelijk loon van € 45.000.

Detentie

De dga stelt dat het gebruikelijk loon te hoog is vastgesteld. Hij voert aan dat hij in 2019 enkele maanden in detentie heeft gezeten en in die periode geen werkzaamheden voor de bv kon verrichten. Het gebruikelijk loon zou daarom maximaal € 22.500 moeten bedragen. Verder stelt de dga dat er in 2019 geen activiteiten meer zijn ontplooid in de bv.

Geen verlaging

De bewijslast dat het gebruikelijk loon lager is dan € 45.000 rust op de dga. De dga heeft geen aangifte ingediend en ook niet de gevraagde informatie verstrekt. Hierdoor kan niet worden vastgesteld wat het loon uit de meest vergelijkbare dienstbetrekking is, noch wat het hoogste van de drie wettelijk genoemde bedragen is. Deze onduidelijkheid komt voor rekening en risico van de dga. Het hof oordeelt dat de dga niet aannemelijk maakt dat het gebruikelijk loon lager dan € 45.000 zou moeten zijn. De detentie in 2019 is hiervoor onvoldoende. Ook de stelling over het ontbreken van activiteiten in de bv is niet onderbouwd of aannemelijk gemaakt.

Bron:Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch | jurisprudentie | ECLI:NL:GHSHE:2026:947 | 07-04-2026
Detentie geen reden voor lager gebruikelijk loon
Schuiven naar boven